Zoeken

Brieven van een gesloten deur // kort verhaal



De vrieskou slaat op mijn autoruit tijdens de nachtelijke autorit. Het is een lege weg. Elf uur 's avonds is niet de tijd om een vriend op de weg te vinden. Wat is er ooit gebeurd met wilde nachten en roadtrips gewoon omdat het kan. Na het spenderen van een weekend met mijn stugge familie in Oxford, is het enige wat ik wil een warme kamer met een glas van de resterende rode wijn in mijn kast. Dus eerlijk, ik kan niet oordelen over de eenzame weg. Ik ben gewoon een laatkomer voor de stille zondagavond.

Mijn gedachten schrikken op bij het horen van mijn authentieke ringtone. Ik druk zo snel mogelijk op het bluetoothknopje met mijn andere hand nog aan het stuur.

"Met Aivy?" vraag ik, ik verstop de hartslag die is ontstaan.

"Hoi lieverd." Ik herken de stem als die van mijn moeder in een milliseconde. Kan ze niet voor één seconde van mijn rug klimmen? "Ik wilde even checken of je misschien al gearriveerd was?"

"Mam, het is 45 minuten geleden dat ik vertrok. Mijn rit is minstens een uur dat weet je."

"Misschien dat je gehaast hebt, wie weet. Goed om te horen dat je een veilige rijder bent," lacht ze.

"Dus. Dat is je antwoord. Ik ben nog niet gearriveerd maar ik moet wel een afslag nemen en nog een paar minuten rijden." Ze verstaat de boodschap en zegt me gedag. Ik neem de donkere afslag richting mijn campus. De grote gebouwen beginnen al door het bos te schijnen. Als een kasteel in een verborgen bos zie ik mijn gebouw verschijnen. De seconde dat ik deze gebouwen zag tijdens het vinden van een plek om kunst te studeren wist ik dat ik verliefd was. De geschiedenis van deze gebouwen is als een schilderij zelf.

Godzijdank is er een parkeerplekje voor me vrij, niet ver van mijn eigen blok. Sinds ik nooit terug naar huis ga zonder een lading aan cadeautjes en kleding te krijgen is het geen plezier om terug naar mijn kamer te komen. Met een kleine struikel til ik mijn tassen naar binnen. De warmte knuffelt me zodra ik mijn kamerdeur open. In mijn hoofd bedank ik Frankie- mijn beste vriendin- die elke keer dat ik weg ben de verwarming weer voor me aan zet net voordat ik terugkeer.


Ik gooi de tassen in bed hoek en buk voor de fles wijn. Het glas is nog net te vullen met de rode vloeistof. Al twijfel ik halverwege wel of ik niet iets teveel heb.

Mijn kopie van Nicholas Spark zijn boek 'A walk to remember' rust nog op mijn kussen, wachtend op mijn oogjes. Mijn haar bungelt al snel genoeg in een vlugge staart en voor ik iets anders kan doen heb ik een comfortabele outfit aangetrokken. Mijn hakken belanden in de kast, dikke sokken omhelzen mijn voeten.

"Wat de-" mompel ik. Ik stap van de envelop onder mijn voeten af. Er staat geen adres op, niet eens een naam. Mijn vingers grijpen het papier, verward door het gevoel van de brief in mijn hand. Ik weet zeker dat ik geen brief ging posten afgelopen vrijdag, en ik weet nog zekerder dat er geen envelop op de grond lag toen ik ging.


Lieve eigenaar,


Mijn naam is Thomas Valon, ik ben je kamergenoot. Niet bang zijn... ik doe geen pijn. Ik zal me niet eens laten zien. Maar ik woon hier. Woonde. Whatever...

Ik voel me vaak eenzaam, heel vaak zelfs. Ik heb gemerkt dat jij je ook eenzaam voelt. Ik bedoel maar, Nicholas Sparks' boeken lezen op klaarlichte dagen is geen erg extraverte manier om tijd te besteden. Het enige wat ik me afvraag is: waarom? Waarom zou een meisje zo mooi als jij al je tijd besteden aan het lezen van boeken over mensen die verliefd worden. Ik heb ze allemaal gelezen. Nicholas Sparks, maar ook genoeg andere nerdy auteurs. Eerlijk waar, we lijken op elkaar.

Ik ben een beetje bleker. Ha ha. Sorry, flauwe grap.

Ik wilde gewoon even checken of je misschien vrienden wilde worden. Ik denk dat je er een nodig hebt.


Lieve groetjes,

Thomas.


Is dit een of andere zieke grap? Mijn ogen rollen, er vanuit gaande dat dit Frankie is die denkt dat ze grappig is. Maar de naam Thomas Valcon bonst op mijn hoofd als een hamer. Waar heb ik die naam eerder gehoord? De beslissing om Frankie een berichtje te sturen laat me lachen, ze geniet er altijd van om te weten hoe grappig ze is. Nadat ik op het bed ben gezakt besluit ik ook mam te laten weten dat ik veilig thuis ben gekomen. Ook al weet ik dat ze het verschrikkelijk vindt dat ik dit rommelhok mijn thuis noem.

Ik gooi de brief in de prullenbak en rust mijn rug tegen de leuning. Mijn wijn smaakt beter dan ooit tevoren. Wetend dat het alle littekens van het weekend met mijn familie laat vervagen.



"Frankie ik zeg het je, meneer Denzil is niet verliefd op mij."

"Echt wel!"

"Nee-" Ik draai me om en klik mijn blik in de hare. "Hij is het niet. Hij zal het ook nooit zijn."

"Oké! Ik zie het probleem niet. Ik bedoel, hij is knap," zegt ze met opgeheven wenkbrauwen. Seconden later valt ze op mijn bed. Haar gewicht laat het matras achter in hevige pijn. "Schenk me eens een wijntje."

"Sorry, leeg," zeg ik met een dun lipje.

"Prima cola dan," knipoogt ze terug. "Ga je dit weekend nog richting huis?"

"God nee. Ik gooi het enige weekend dat ze me niet geopperd heeft naar huis te gaan niet weg door vrijwillig te gaan." Frankie lacht geforceerd. Ze heeft er altijd moeite mee gehad dat ik zoveel haat tegenover mijn familie met me mee draag. Maar ik ga niet doen alsof alleen maar om haar blij te maken. Hoe vervelend ik het ook vind, ik weet zeker dat ze voor geen goud met me zou willen ruilen.

We blijven in stilte zitten met onze studieboeken voor onze neus. Soms gilt de een leuk weetje tussendoor maar verder draait het derde nummer op de Abba cd op de achtergond.

"Hey wanneer wist je eigenlijk dat je les wilde geven in kunst?"

"Ik had een lerares, mevrouw Pierce," ik lach bij de gedachten. "Ze had van die verschrikkelijke geprinte jurken en haar dat eruit zag als een vogelnest. Maar haar lessen waren fenomenaal. Ze maakte kunst het meest geweldige wat er in de wereld bestond. Dus ik begon me af te vragen waarom alle kunstleraren er op die manier uit moesten zien. Toen besloot ik dat ik de meest coole kunstlerares in de geschiedenis wilde worden. Kunst fantastisch maken maar er nog steeds uitzien als een- ja een..."

"Als hun moeder? iemand bij normale standaard?"

"ja zoiets. Gewoon iemand die ze zouden kunnen kennen. Zodat ze kunst niet zo raar zouden vinden."

"Cool!" Ze slaat haar boek dicht en springt op. "Oké ik moet me nu wel echt klaar gaan maken voor het feest vanavond. Zeker dat je niet mee komt?"

"Ben ik ooit een feestbeest geweest?"

"Ooit kan de eerste keer zijn."

"Ik ben oké, Frankie," lach ik. Ze knikt en grijpt haar spullen bij elkaar. Met een kusje op mijn hoofd verlaat ze de kamer. Ik zucht. De wijn die ik van Frankie verborgen heb gehouden is het enige waar ik nu naar snak. ik gooi mijn voeten over de rand van het bed en rust ze op de grond. Een wit papiertje glijdt onder mijn kastdeur vandaan, een noodstop net voor mijn tenen. Een raas aan kippenvel glanst over mijn huid. Het gevouwen papier ligt daar maar. Alsof het normaal is dat het net uit mijn kast kwam vliegen. Mijn ogen schieten weg. Ben ik aan het dromen? Het gleed onder mijn deur vandaan. Een deur met niets meer dan kleding aan de andere kant. Toch?

Mijn hand trilt als het in contact komt met de deurknop. Een klein trekje onthult niets meer dan mijn jurken en door elkaar gehusselde schoenen. Wie dit dan ook doet, weet in ieder geval hoe ze me moeten grappen. Met twee handen duw ik de kleding aan de kant, alsof ik hoop Narnia te onthullen. Het papier ligt er nog steeds maar voor ik het oppak lach ik verstompt.


Lieve eigenaar,


Ze heeft gelijk. Je zou naar het feestje moeten gaan.

Geloof me.


Lieve groeten,

Thomas.


Ik slaap een week niet. Mijn ogen zijn vastgebrand op de kastdeur. Elke avond wacht ik tot het zich transformeert in een persoon. Mijn hersenen kraken, doen hun best om te begrijpen wat er gebeurt Maar ik wacht tot het opnieuw gebeurt om te bewijzen dat ik niet gek ben geworden. Woensdag geeft een luidruchtige bons in mijn buren hun kamer me bijna een hartaanval. Donderdagavond ben ik door alle schone kleding van de vloer heen, en zal ik de kast wel open moeten trekken. Ik ben het bijna vergeten tegen de tijd dat het weer vrijdag is, maar dan keer ik terug naar mijn kamer om een envelop op mijn vloer te vinden.


Lieve Aivy,


Ik weet nu dat dat je naam is. Ik heb het gevoel dat ik je bang gemaakt heb. Daarom was ik van plan niet meer te schrijven. Maar de gedachte dat je me vergeet maakte mij banger. Want iedereen vergeet me altijd. Weet alsjeblieft dat ik je nooit pijn zal doen. Ik ben niet eens echt hier. Ik denk dat ik naar een laatste manier om een vriend te vinden aan het zoeken was. Ik dacht vroeger altijd dat eenzaamheid zou verdwijnen als ik hier zou zijn. Maar nu ben ik hier. En nog steeds even eenzaam als jij bent.


"Ik ben niet eenzaam!" schreeuw ik naar de kamer in lichtelijke paniek. Het is meer een reflex dan dat ik daadwerkelijk verwacht dat iemand reageert. "Jezus ik ben het niet."


Ik denk dat ik stiekem gewoon hoop dat je niet zoals mij zult worden. Ik sloeg alle feestjes over. Vergat om mensen te berichten of te bellen. Totdat zij me ook echt raar vonden en het niet meer wilde. Misschien is het de kamer. Maakt hij mensen eenzaam. Ik kan het de kamer niet kwalijk nemen, het ziet eruit als een verdomde gevangenis.

Aivy ik doe je geen pijn. Als je het wilt kan ik zelfs verdwijnen. Dan zal ik niet meer schrijven en kan je je rustige leven verder voortzetten. Vertel het me. Wat wil je?


Lieve groetjes,

Thomas.


p.s. Ga naar het feestje waar Frankie je voor uit gaat nodigen. Ik heb haar in de gang horen praten.





De volgende dag word ik inderdaad uitgenodigd door Frankie. Haar uitnodiging zorgt voor een bom aan kippenvel. Als een enge dejà vu die ik al aan voelde komen. Maar luisteren naar het plan van Frankie klinkt nog steeds als een grote grap. Na lang staren accepteer ik haar uitnodiging.

Frankie haar ogen lichten op "We moeten een mooie outfit vinden!"

"Ik denk dat de kleren in mijn kast helemaal prima zijn."

"Maar-"

"Een stap tegelijk oké?" Ze lacht en tikt speels tegen mijn schouder.

"Kijk nou eens naar jou. Sociaal en schattig,"

Die avond is misschien wel de raarste avond in mijn leven. Ik kijk naar mezelf in de spiegel. De rode bloes die ik gekozen heb ziet er mooi uit in de zwarte skinny-jeans die ik nog had liggen. Ik klip twee plukjes haar achter op mijn hoofd en glimlach. Ik heb er enkel zo mooi uitgezien voor een vrijdagavond met mijn moeder en haar officiële familiediners.

"Je kunt het Aivy," mompel ik tegen mezelf. Ergens voelt het of ik niet meer tegen mezelf praat. Gek genoeg lijkt het me ook niet meer bang te maken. Ergens denk ik nog steeds dat het Frankie haar creatieve manier is om te zorgen dat ik mee zou gaan naar een feestje. Maar ergens heb ik meer het gevoel dat Thomas Valcon niet meer als een bedreiging voelt.

Ik glijd mijn voeten in zwarte laarsjes die ik een lange tijd geleden al gekocht heb en grijp alle spullen bij elkaar.

Tegen mezelf vertel ik dat ik gewoon wat wijn nodig heb, zodat ik zelfverzekerd de deur uit kan lopen.


Beste Thomas,


Ik ben naar het feestje geweest. Frankie en jij hadden gelijk, ik dat dit eerder moeten doen. Ik bedoel maar. Ik heb een jongen ontmoet. Jezus ik weet niet eens waarom ik dit schrijf. Nouja dat weet ik wel. Ik ben erg dronken en heel erg stom.

De jongen genaamd Iven is de grappigste jongen die ik ooit heb ontmoet. Hij maakt grapjes over onze namen die klinken als Alien namen. Dus nu heet ik 'Alien meisje;. En Alien jongen neemt me binnenkort mee uiteten. Hij heeft zelfs mijn nummer.

Ik voel me raar.

Maar ik kwam vooral tot het schrijven van deze brief omdat ik je wilde zeggen dat het goed is als je me schrijft. Ik dacht eerst dat het een grote grap was. Dus Thomas- of wie hier ook achter zit: Dankjewel dat je me naar het veel te drukke feest stuurde. Ik ruik naar alcohol, rook en danszweet maar het is het beste ooit.


Liefs,

Aivy.


Ik struikel door de kamer en kniel bij de kastdeur. Het papier glijdt perfect door het kleine gleufje onder de deur. Het eindigt aan de andere kant, onzichtbaar voor mij. Ik lach naar mijn eigen grap. Natuurlijk weet ik dat Frankie die brief nooit gaat lezen. Giechelend trek ik mijn schoenen uit en gooi ik mijn kleding op de grond. Mijn lichaam valt in de warmte van mijn bed. Ik tel de uren die ik nog heb totdat mijn kater inslaat. Vier en een half, dat moet oké zijn. Maar voor ik mijn lamp uit kan klikken raast mijn hart van verwarring. Een brief glijdt naar het midden van mijn kamer. Zo snel als een geweerschot. Frankie is niet hier, ze slaapt.

"O mijn god, waarom ben ik zo dronken." Ik wrijf door mijn ogen maar de brief verdwijnt niet. Hij ligt er en ik neem het in mijn handen. Het is vast en echt. Even echt als de andere drie.


Goedenavond Aivy,


Wat verassend om een brief terug te krijgen. Ik zal eerlijk zijn, ik schrok ervan. Goed om te horen dat je naar het feestje gegaan bent! En natuurlijk dat je iemand hebt leren kennen. Het werd tijd dat Alien meisje haar kamer uit zou komen om haar leven te leven.

Ik haat het om dit te moeten uitleggen maar ik ben echt niet Frankie. Frankie is je echte vriendin, uit je echte leven. Alcohol heeft haar geraakt dus ze slaapt al. Ik ben Thomas Valcon. Ik ben vorig jaar overleden in deze kamer. Door mezelf... Ik vereenzamende. Nu ben ik gewoon hier. Onzichtbaar.


Je ruikt naar alcohol. Neem een douche.


Liefs,

Thomas.


Mijn hart slaat een slag over. De kamer draait en de muren komen op me af. Ik ben vorig jaar overleden in deze kamer. Ik ren naar de deur en trek hem open. "Wat de fuck wil je van me Thomas??" Ik sis mijn letters maar de kracht is verdwenen. Veel te vermoeid om te kunnen dealen met de situatie strompel ik terug naar het bed. Mijn lichaam valt sneller in slaap als een baby.

"Mister Denzil kan ik u iets vragen?" Ik klem mijn boeken tussen mijn armen alsof het mijn kind is. De grote wallen onder mijn ogen zouden op moeten vallen want de bezorgde blik is niet te vermijden.

"Natuurlijk, Aivy. Ga zitten," zei hij zachtjes. De laatste studenten stromen uit de klas.

"Wat is er vorig jaar met Thomas Valcon gebeurd? De jongen die-... overleed op school?"

Na de dronken avond heb ik een onderzoek op Thomas ingezet. Hij is alleen maar gevonden omdat hij zijn huur niet meer betaalde. Niemand zocht verder naar hem. Het heeft ongeveer vier weken geduurd. Geen artikel of krant kon me precies vertellen wat er met hem gebeurd is wat tot de zelfmoord geleden heeft. Een jongen zo jong als Thomas zou er niet eens over na moeten denken.

"Je verrast me enorm met deze vraag," begint meneer Denzil. Hij lacht zwakjes. "Thomas was erg eenzaam. Wist nooit echt hoe hij gezellig moest doen. En toen hij dat eindelijk deed werd hij teleurgesteld door mensen. Goede cijfers en zijn droom om journalist te worden waren zijn enige motivatie. Tot iemand ook die droom verpestte door zijn Engels schrijf examen te bekritiseren. Daarmee ook de kans op een stage bij Time Turned Magazine te verpesten."

"Wie was het?" vraag ik verward.

"Ik." Mijn mond blijft hangen. "Ik wilde hem echt niet raken op die manier. Ik dacht dat als hij een studie partner nodig had, hij wat socialer zou worden. Dat hij wat meer uit zijn comfort zone zou kruipen."

"En toen?"

"Mag ik vragen waarom je zo nieuwsgierig bent naar Thomas Valcon?" Ik zucht als antwoord. Welke reden ik dan ook geef, ze zullen stuk voor stuk raar zijn.

"Ik woon in zijn oude kamer. De verhalen namen me bij het hart en ik dacht dat je me misschien meer kon vertellen."

"Thomas Valcon was zo'n lieve jongen. Hij verdiende het niet. Ik wens dat ik hem kon vertellen hoe ik daar over dacht. Dat hij me voor een keer zou kunnen geloven."

Met een gek maar helder idee in mijn brein knik ik naar hem. "Ik denk dat hij het wel zal weten." Hij fronst en lacht.

"Als dat toch eens mogelijk was."


Lieve Thomas,


Ik heb met meneer Denzil gepraat. Hij heeft me verteld wat er allemaal gebeurd is. Het spijt me. Ik kan niet geloven dat ik daadwerkelijk tegen je praat maar ik wil je graag vertellen dat meneer Denzil echt heel veel spijt heeft.

Je bent niet hier. Ik kan mijn gedachten er niet eens omheen krijgen dat er een geest in mijn kast leeft. Maar misschien is het oke. Ik denk niet dat je me pijn zult doen. Ik zal je vriend zijn. Ik zal de laatste persoon zijn die je waardeert.


Als een vriend vraag ik je: Vertel eens iets over jezelf. De jij die je was.


Liefs,

Aivy


.

Aivy,


Ik weet niet of ik hey of lieve moet zeggen dus ik heb het woord maar helemaal weggelaten. Je naam is mooi genoeg. Meneer Denzil was een lieve man. Hij wilde het beste voor me en ik heb hem ook nooit iets kwalijk genomen. Hij wilde iets voor me wat ik nooit zou bereiken. Sociaal zijn is niet voor mij gemaakt. Zie, Aivy ik had geen vrienden. Ik wist niet wat een vriend was. Wat je niet kent kan je niet missen. Maar ik wist zeker dat ik het gevoel van een vriend hebben mistte.

Een dag vond ik mezelf in een roze wolk. Ik viel voor het mooiste meisje met bruine haren tot haar borst. Ik voelde me raar om zo naar haar te kijken. Als haar vriendje haar ophaalde veranderde mijn lichaam in pudding. Dat was mijn laatste hoop op het hebben van een vriendin.


Iets over mij. Nou, ik ben best slim. Ik heb altijd goede cijfers gehad en ik denk niet dat ik ooit een deadline gemist heb. Daarnaast zou ik nooit iemand pijn kunnen doen. Ik heb nog nooit gescholden.


Dankjewel voor het schrijven. Het is beste eenzaam hier.


Liefs,

Thomas.


Zo ging het door voor maanden. Elke week gleed ik een berichtje onder de kastdeur, puur om Thomas op de hoogte te houden van wat zich allemaal afspeelde in mijn leven. Hij schreef me terug. Vooral over de dingen die ik gedaan had. Hij lachte om me voor het zijn van een gigantische nerd. Het duurde niet lang of ik heb hem een stem in mijn hoofd gegeven. Een stem die ik elke keer hoorde als ik zijn brieven las. Het is gek dat dat kan terwijl ik hem nog nooit heb horen praten. Ik heb geen idee hoe ik hem voor me moet zien, op de foto’s na die nog op het internet te vinden waren maar dat zijn er vrij weinig. Ik kan me niet voorstellen hoe hij loopt of de geur die hij bij zich draagt, maar hij voelt als mijn vriend. Hij voelt als iemand die ik ken. Frankie weet niet van de brieven onder mijn bed. Maar als de seizoenen veranderen en de vertrouwdheid in mijn vriendschap met Thomas groeit, des te meer ik uberhaupt van zowel Frankie als de rest van mijn sociale leven afzonder.

“Aivy!” Ik schiet op uit mijn stoel bij het horen van haar stem.

“Jezus Frank, je liet me schrikken,” scheld ik als ik haar naast me op de stoel zie zakken.

“Het is tijd voor jou om me te helpen als beste vriendin. Ik heb een date maar een vriend wilt komen en ik heb soort van beloofd dat ik iemand meebreng voor hem.”

“O nee. Nee- nee- nee- nee!” lach ik. Mijn druiven knappen in mijn mond en laten een zoete smaak achter. “Ik hou van je Frankie maar nee.”

“Hij is leuk! Jij bent leuk. Ik zie het probleem niet.”

“Ik ken hem niet eens! Daarnaast weten we allebei dat er niemand is die dingen ongemakkelijker gaat maken voor jullie dan ik.”

“O kom op,” zeurt ze. Ze laat haar onderlip vallen, een puppy die smeekt om koekjes. Puppy’s doen het voor haar. Ze hebben een magische kunst. En dus eindig ik die avond in een restaurant waar ik nog nooit in mijn leven geweest ben. Met Frankie als leider banen we onze weg naar de tafel. Ze groet haar date en ik stel mezelf voor.

“Als het ons Alien meisje niet is.” De woorden slaan me als een hamer. Ik draai me abrupt om en glimlach.

“Iven?”


Lieve Thomas,


Je gaat niet geloven wat er gebeurd is! Ik heb Frankie vergezeld met haar date omdat ze een dubbeldate had gepland zonder overleg. Ik had geen idee wie ik zou gaan ontmoeten maar ik draaide me om en plots stond Iven voor me. Alien jongen. Hij van het feestje waar jij me naartoe stuurde. Het was echt geweldig. We spendeerde de hele avond aan diepe gesprekken en toen Frankie en haar date (Pete) vertrokken hebben Iven en ik nog een ijsje gehaald. Hij heeft me helemaal terug naar huis gebracht.

Ik denk dat ik hem echt leuk vind. Echt leuk.


Liefs,

Aivy.


De antwoorden verdwijnen. Weken las ik geen brief van Thomas. Alsof de jongen die eigenlijk al niet bestond nog verder is verdwenen dan dat ik dacht. Het is een gek gevoel, iemand missen die eigenlijk niet bestaat. Maar ik focus me op mijn studie, mijn examens voornamelijk. Wachtend als een wolf achter een boom tot er weer een envelop verschijnt.

Iven en ik zien elkaar vaak genoeg. Vaker dan ik ooit had durven dromen. Het kostte ons 2 maanden om voor het eerst te zoenen maar sindsdien onafscheidelijk.


Lieve Thomas,


In twee weken heb ik mijn examens. Ik weet dat je er nog bent want op de een of andere manier heb ik niet het gevoel dat je verdwenen bent. Ik baal ervan dat je niet blij voor me bent, niet hebt gereageerd. Ik baal dat je je enige vriend hebt laten gaan. Maar ik ben gaan denken, en misschien is het beter als ik je laat gaan. Om het idee van jou te laten gaan. Ik ben aan iemand gaan hangen die er niet echt voor me zou kunnen zijn als een echte vriend.

Bedankt voor het luisteren. Je was een geweldige luisteraar.


Liefs,

Aivy.



Lieve Aivy,


Het spijt me. Ik wilde je geen pijn doen. Ik voelde me gewoon niet meer nodig in je leven. Je hebt een vriend gevonden, iemand die je uit kan nemen zoals ik dat nooit zal kunnen. Weetje, als ik zou leven dan had je het eerste meisje kunnen zijn voor wie ik alles zou doen. Ik zou je het grootste boeket geven, geel want ik weet dat je daar van houdt. Daarna zou ik je meenemen naar het café Mouse Maurice op de heuvel achter de stad. Het is een prachtige plaats. Je zou lachen en ongemakkelijke grapjes maken en daarna zou ik je naar huis brengen. Ik zou je een nachtkus geven en je een berichtje sturen om te laten weten dat ik thuis ben.


Ik hoop dat Iven dat voor je doet.

Sorry opnieuw.


Liefs,

Thomas.


De woorden laten mijn schip zinken. Hij zou mijn vriend geweest zijn. Misschien meer dan dat als hij de kans had gehad. Emoties walsen over mijn zenuwen, maar drie kloppen op de deur maken me wakker. Iven wacht op me, klaar voor onze date. Misschien naar Mouse Maurice. Ik gooi de brief in de doos en slaak een diepe zucht. De vriend voor wie ik aan het hopen was heeft eindelijk geschreven, maar mijn woorden zijn op. Ik kan hem niet vertellen over hoe goed het is met iven want dat maakt hem verdrietig. Maar schrijven over de examens en mijn stress om te falen zouden de dingen verdraaien die hij gezegd heeft. Voor geen goud kan ik nog met Thomas praten zoals we dat deden.

Mijn woorden voor hem zijn op. Ik kan niet meer met hem praten en dat weet hij want hij schrijft me ook niet meer voor weken. Met Iven als afleiding kan ik het naast me leggen. Heel af en toe is zelfs mijn familie fijn om te vergeten wat er gebeurd is. Voor het eerst snakte ik naar mijn oude kamer.

“Waar is je boekendoos?” vraagt Iven die een grote stapel van mijn boeken door de kamer tilt.

“Hier!” lach ik terug. Ik wijs naar de kamer in de hoek, “Hij zou leeg moeten zijn sinds ik geen boek dat geen studieboek is heb aangeraakt in maanden.”

“Maar je harde werk is beloond, je bent klaar.”

Hij loopt naar me toe en legt zijn grote handen op mijn zij. Een zacht kusje landt op mijn voorhoofd. “Ik ga je missen deze zomer,” fluister ik.

“Ik kom je opzoeken.”

“Dat is niet hetzelfde.” Ik duw hem zachtjes van me af.

“Ik weet het,” antwoord hij zachtjes. “Ik neem deze dozen mee naar de auto oke?”

Met een knikje zie ik hem de kamer uitlopen. De kamer is leeg bij seconden. De plaats die ik voor een jaar mijn thuis heb genoemd wordt die van iemand anders in maar 3 maanden.

Mijn blik richt zich op de kast. Mijn vingers nemen het briefje dat ik gisteravond heb geschreven tussen zich en voordat ik zelf de kamer verlaat laat ik het onder de deuropening vallen.


Lieve Thomas,


Ik ga je nu verlaten. Bedankt voor de stille steun tijdens mijn examens. Tijdens al het zweet en de tranen. Tijdens de liefde en het plezier. Je bent mijn comfortabele vriend geweest die geen geluid maakt.


Bedankt.

Ik hoop dat je nog een vriend krijgt volgend jaar.


Liefs,

Aivy.

23 keer bekeken
  • Grey Instagram Icon
  • Grey Facebook Icon
  • Grey Pinterest Icon
  • Grey Twitter Icon
  • Grey YouTube Icon

© 2019, Fancy Words en zijn content is eigendom van Sam Ashton